Duke

Teckel, mannelijk, 6 Nov 2024

Over mij

Eh… hallo. Ik ben Duke. Een teckeltje van 1,5 jaar oud, maar eerlijk gezegd voel ik me soms meer een trillend elastiekje met pootjes. Ik heb namelijk bijna geen socialisatie gehad toen ik klein was en daardoor vind ik de wereld… nou ja… nogal overweldigend. Soms schrik ik van een deur die dichtgaat. Soms van een blaadje dat voorbij waait. Soms van mijn eigen ademhaling. Ik ben dus niet bepaald een “ik spring meteen in je armen en lik je gezicht”-type. Meer een “ik kijk eerst drie uur van een afstandje en doe alsof ik onzichtbaar ben”-type. De wereld is nog best groot en een beetje spannend voor mij. Eerst woonde ik ergens waar ik niet zo veel heb kunnen ontdekken. Hoe het daar precies was, weet ik zelf ook niet zo goed… maar ik heb niet geleerd dat de wereld leuk kan zijn. Nu ben ik hier, bij DOA. En alles is nieuw. Soms vind ik het eng om uit mijn vertrouwde plekje te komen. Mijn kenneltje voelt veilig, alsof ik me daar even kan verstoppen als alles te groot wordt. Buiten die veilige plek is er zoveel dat ik nog niet begrijp. Geluiden, geuren, bewegingen… het maakt me een beetje verlegen. Maar weet je… ik ben wel super lief en zacht van aard. Als jij rustig bij me komt zitten en me de tijd geeft, dan kom ik voorzichtig dichterbij. En als je me dan aait… oh, dat vind ik zó fijn. Dan vergeet ik even dat ik bang ben en kruip ik het liefst helemaal tegen je aan. Knuffelen is iets wat ik wel begrijp. Dat voelt warm. Dat voelt goed. Speeltjes zoals een balletje of een knuffeltje? Die snap ik nog niet zo goed. En een tuigje omdoen… dat is nog best spannend voor mij. Maar ik probeer het. Echt. Elke dag een klein beetje meer. Ik hoef nog niet dapper te zijn in één keer. Als jij geduldig met me bent, leer ik het stap voor stap. Misschien durf ik op een dag wel vrolijk rond te rennen en te spelen, net zoals andere hondjes.

Soort baasje

Bij DOA zorgen ze heel goed voor me, maar ik droom van een eigen thuis. Alleen… ik heb niet zomaar een baasje nodig. Ik zoek iemand die begrijpt dat ik alles nog moet leren. Echt alles. Hoe je loopt aan een lijn, hoe je mensen begroet, hoe je niet denkt dat elk geluid het einde van de wereld aankondigt. Dat soort dingen. Ik hoop op iemand die rustig is. Iemand die niet elk weekend een huis vol visite heeft die ineens roept: “Ooooh, een hondje!” (Dat is voor mij ongeveer hetzelfde als een horrorfilm zonder pauzeknop.) Een baasje dat houdt van structuur want ik functioneer het best als ik weet wat er komt. Geen verrassingen. Geen chaos. Gewoon… voorspelbaarheid. Dat is mijn comfortzone. In het begin krijg je van mij vooral afstand. En trillende pootjes. En misschien een blik die zegt: “Ik wil je wel vertrouwen, maar mijn hersens zijn nog in paniekstand.” Maar als jij geduld hebt en rust, en ervaring met bange hondjes zoals ik, dan beloof ik dat ik langzaam ontdooi. Heel langzaam. Denk aan een ijsblokje in de winterzon. Maar hé, ontdooien is ontdooien. En als het me lukt om je te vertrouwen, dan krijg je iets bijzonders terug. Een hondje dat jou kiest. Niet omdat ik iedereen leuk vind want dat vind ik niet. Maar omdat jij degene bent die me de tijd gaf, de ruimte, en de veiligheid om mezelf te durven zijn. Dus… als jij dat rustige, geduldige, lieve mens bent dat niet schrikt van een hondje dat wél overal van schrikt… dan wacht ik hier bij DOA. Ik ren nog niet naar je toe, maar misschien durf ik straks wel even om het hoekje te kijken. Voor mij is dat al een hele overwinning.

Duke's paspoort

  • Ras Teckel
  • Geboortedatum 6 november, 2024
  • Geslacht mannelijk
  • Gecastreerd/gesteriliseerd Ja
  • Schofthoogte (cm) 40
  • Adoptiekosten € 225
  • Diernummer 59497

Denk je dat wij matchen? Leuk, laten we elkaar een keer ontmoeten!

Foto's

Wat ik nog meer over mezelf kan vertellen

Ja, maar niet met iedere hond. Ik moet je ook nog iets vertellen. Ik heb namelijk altijd met andere teckels samengewoond. Heel veel teckels. Zo veel dat ik soms het gevoel had dat ik gewoon één van de kruimels was die van de tafel vallen. Het was niet altijd even leuk, want in zo’n grote groep is het makkelijk om weggecijferd te worden. En laat ik nou net het type zijn dat niet vooraan gaat staan om te zeggen: “Hé, ik ben er ook nog!” Maar… het heeft me wel iets geleerd! Ik weet hoe het is om met andere honden te leven. En eigenlijk vind ik dat best fijn als het er niet meteen tien zijn. Eén sociaal, stabiel hondje naast me zou me enorm helpen. Iemand die mij kan laten zien dat de wereld niet altijd eng is. Een soort canine coach, zeg maar. Iemand die niet schrikt als ik weer eens in paniek raak omdat een grasspriet te enthousiast beweegt. Dus ja… een rustig, vriendelijk hondenvriendje dat mij het goede voorbeeld geeft? Dat zou voor mij echt goud waard zijn. Misschien durf ik dan zelfs een beetje mee te kwispelen.
Ja, mits kat honden gewend is. Hier bij DOA heb ik ook katten gezien. Nou ja… “gezien”… eigenlijk meer: ik heb ze opgemerkt en ben toen meteen in mijn hoofd verhuisd naar een veilige bunker. Want katten? Die ken ik helemaal niet. Ze bewegen anders, kijken anders en soms maken ze van die geluiden waarvan ik denk dat het een soort waarschuwing is voor het einde der tijden. Dus nee, ik ga niet achter katten aan. Ik ben veel te bang. Als ik een kat zie, duik ik eerder achter een stoel, onder een tafel of achter een mens (als ik die op dat moment durf te gebruiken als schuilmuur). Maar er is wel iets belangrijks: als mijn nieuwe baasje katten heeft, dan moeten die katten wél honden gewend zijn. Want stel je voor dat ik voorzichtig wil snuffelen heel voorzichtig, echt op slakkentempo en die kat schrikt… dan schrik ik óók weer. En dan zijn we met z’n tweeën in paniek en dat lijkt me voor niemand een succes. Dus ja… katten kunnen prima, maar alleen als zij niet meteen denken dat ik een soort wandelende bedreiging ben. Want ik ben meer een wandelende zenuwpees dan wat anders.
Alleen oudere kinderen. Zoals je misschien al een beetje hebt gemerkt… ik ben niet bepaald een stoere superheld die overal tegen kan. En kleine kinderen? Die zijn voor mij ongeveer hetzelfde als een achtbaan zonder remmen. Ze bewegen snel, maken onverwachte geluiden en soms komen ze ineens op je af met een enthousiasme waar mijn teckelhartje spontaan kortsluiting van krijgt. Zelfs als ze met honden zijn opgegroeid en precies weten dat ze me met rust moeten laten, blijft de drukte in huis voor mij gewoon te veel. Ik raak dan helemaal overweldigd en dat helpt niet bij mijn missie om ooit een beetje ontspannen door het leven te gaan. Daarom zoek ik een huisje zonder hele jonge kinderen. Kinderen vanaf een jaar of 15 vind ik geen probleem die snappen meestal wel dat ik soms even moet bijkomen van… nou ja… alles. Als ze maar een beetje rekening met me houden als ze een feestje geven, want ik ben niet gemaakt voor rondvliegende chips, harde muziek en tien mensen die tegelijk lachen. Een huisje zonder kinderen zou trouwens helemaal fantastisch zijn. Rust, voorspelbaarheid, en geen onverwachte mini‑mensjes die ineens “BOE!” doen (ook al bedoelen ze het lief).
Nog leren. Ik moet ook eerlijk zijn over iets anders. Ik ben namelijk nog nooit alleen thuis geweest. Nooit. Niet een minuut, niet een seconde. Er was altijd wel een andere hond in de buurt of gewoon… iemand. Dus het idee dat ik straks in mijn eentje in een huis zit? Dat is voor mij ongeveer hetzelfde als dat jij ineens in een spookhuis wordt achtergelaten zonder zaklamp. Dit betekent dat mijn nieuwe baasjes hier echt rekening mee moeten houden. In het begin heb ik veel tijd nodig. Eerst moet ik wennen aan mijn nieuwe mensen, mijn nieuwe huis, de nieuwe geluiden, de nieuwe geuren… eigenlijk alles. Pas als ik me een beetje veilig voel, kunnen we héél rustig gaan oefenen met alleen zijn. Stapje voor stapje. Misschien eerst vijf seconden. Dan tien. Dan twintig. En als dat lukt, vieren we dat waarschijnlijk allebei met een diepe zucht van opluchting. Het is dus belangrijk dat mijn nieuwe baasjes tijd hebben. Geduld. En geen verwachtingen dat ik dit “even” leer. Want voor mij is dit een hele grote berg om te beklimmen maar met de juiste begeleiding kom ik er vast.
Dorp of landelijk. Ik moet ook nog iets vertellen over waar ik wil wonen. Want… hoe zal ik het zeggen… drukte en ik zijn geen goede combinatie. Als je mij midden in een stad zet, met trams, scooters, mensen die roepen, sirenes en overal geluiden, dan verander ik waarschijnlijk spontaan in een trillende burrito. Ik zoek dus een huisje in een hele rustige buurt. Het liefst in een fijn, rustig dorpje met veel groen. Waar je niet meteen in de chaos stapt zodra je de deur opendoet. Waar de grootste gebeurtenis van de dag misschien een voorbij wandelende postbode is (en zelfs die vind ik waarschijnlijk nog spannend). En… een tuin zou echt héél fijn zijn. Wandelen aan de lijn? Dat kan ik nog niet. Dat vind ik nog veel te eng. Een tuin helpt me om alvast een beetje te oefenen met de buitenwereld, zonder dat ik meteen in een drukke straat sta. Het helpt me ook met zindelijk worden, want dat moet ik nog leren. En in een tuin kan ik rustig wennen aan nieuwe geluiden zonder dat ik meteen denk dat de wereld vergaat. Een tuin is voor mij dus niet zomaar een luxe. Het is een veilige oefenruimte. Een soort “beginnersmodus” voor het echte leven.
Ja, selectief. Ik moet ook nog iets vertellen over wandelen aan de riem. Want… dat kan ik dus nog niet. Echt niet. Zodra er een riem in beeld komt, klap ik dicht. Mijn pootjes bevriezen, mijn hersens gaan in paniekmodus en ik ben dan totaal niet bezig met de wereld om me heen. Laat staan met kennismaken met een andere hond. Als ik aan de riem zit, ben ik vooral bezig met overleven of dat denk ik dan tenminste. Daarom moet dit héél langzaam opgebouwd worden. Eerst wennen aan mijn nieuwe huis, mijn nieuwe mensen, de geluiden, de tuin… en dan pas, stapje voor stapje, oefenen met die enge riem. En kennismaken met andere honden? Dat kan later, maar niet aan de riem. Dat is voor mij nu echt veel te spannend. Misschien heel misschien als mijn nieuwe baasjes iemand kennen met een super sociale, stabiele hond, kunnen we ooit eens in de tuin kennismaken. Als ik gewend ben. Als ik niet meer denk dat elke beweging een ramp betekent. In een rustige, veilige omgeving, zonder riemstress. Dat zou voor mij veel fijner zijn. Maar voor nu? Kennismaken aan de riem met een andere hond is alsof je mij vraagt om een marathon te rennen terwijl ik nog leer hoe je moet lopen. Dat komt later wel. Met tijd. Met geduld. Met rust.
Nog leren. Ik moet eerlijk zijn: ik wandel dus nog niet aan de riem. Helemaal niet. Ik vind het al spannend als iemand een halsband of tuigje pakt. Als ze het omdoen, bevries ik meestal. En zodra er een riem aan vastzit en ze me op de grond zetten… tja, dan verandert mijn hele lichaam in een soort standbeeld. Een trillend standbeeld, maar toch. Het is niet dat ik niet wíl wandelen ik snap gewoon nog niet hoe het moet. Mijn hoofd gaat meteen in paniekstand, waardoor ik niet meer kan nadenken, niet meer kan leren en al helemaal niet kan kennismaken met een andere hond. Als ik aan de riem zit, ben ik alleen maar bezig met “HELP, WAT GEBEURT ER?!” Daarom heb ik hier echt begeleiding en training voor nodig. Rustig opbouwen. Eerst wennen aan mijn nieuwe huis, mijn nieuwe mensen, de geluiden, de tuin… en dan pas, héél voorzichtig, oefenen met dat tuigje en die riem. En kennismaken met andere honden? Dat kan later, maar niet aan de riem. Dat is voor mij nu echt veel te veel.
Nee, Ik moet ook nog iets heel belangrijks zeggen. Loslopen… dat is nu echt totaal niet aan de orde. En misschien, heel misschien zal dat voor mij ook nooit kunnen. Ik ben gewoon veel te snel bang, te snel overweldigd en te snel in paniek. Als ik nu los zou lopen, zou ik waarschijnlijk in een rechte lijn rennen tot ik op de maan ben. En dat lijkt me voor niemand handig. Het is dus goed dat mijn nieuwe baasjes dit weten. Ik ben geen hondje dat je even lekker los laat rennen in het bos of op het strand. Misschien komt er ooit een moment dat ik iets meer durf, maar dat is absoluut geen garantie. En dat is oké als mijn baasjes dat ook oké vinden. Daarom is een tuin voor mij zo belangrijk. Een veilige plek waar ik kan snuffelen, bewegen, wennen aan geluiden en oefenen met zindelijk worden, zonder dat ik meteen in de grote, enge buitenwereld sta. Een tuin is voor mij eigenlijk een soort mini‑universum waar ik stapje voor stapje kan leren dat de wereld misschien niet altijd gevaarlijk is.

Fysieke aandachtspunten

Geen aandachtspunten bekend

Aandachtspunten gedrag

Geen aandachtspunten bekend

Denk je dat wij matchen? Leuk, laten we elkaar een keer ontmoeten!