Nee, Oké, even eerlijk! Ik heb vroeger met een andere hond samengewoond. En dat ging… nou ja… niet altijd even gezellig. We kwamen allebei binnen met wondjes en littekens, dus dat zegt eigenlijk wel genoeg. Hier bij DOA vind ik kennismaken met andere honden ook best moeilijk. Ik wil het heus wel proberen hoor, maar mijn lijf en kop gaan dan vaak een beetje BOEM! Ja, net als mijn naam. Van spanning en enthousiasme. Daardoor weet ik soms gewoon niet zo goed hoe ik rustig moet blijven. Samen met mijn verzorgers heb ik daarom besloten dat ik het liefst een thuis voor mezelf wil. Een plek waar ik geen hondenvriend hoef te delen, maar alle aandacht en knuffels lekker voor mij zijn. Misschien dat ik ooit wél weer met een hondenvriendje zou kunnen wonen, maar nu voelt een eigen, rustig plekje toch het fijnst.
Nee, En dan… katten. Zucht. Het was even geen topdag voor mij en mijn angsten. Ik dacht dat we een ‘Leuke wandeling’ gingen maken. Toen kwamen we bij de trap. Trap op? Geen probleem, maar toen kwam ik in een gang met allemaal deuren. En achter die deuren zaten katten. Echte katten. En weet je wat ze deden? Ze kwamen gewoon naar me toe. Keken me aan. Met die doordringende ‘ik-weet-alles-van-je’-kattenogen. Eerst deed ik nog alsof ik heel stoer was en snuffelde ik wat rond in de gang. Maar zodra ik er eentje echt zag? Bevroren. Geen stap meer. Mijn poten waren plots van beton, mijn staart hield spontane vakantie en mijn hersenen riepen alleen maar: “Help, help, help!” Gelukkig hoefde ik daar niet lang te blijven. En konden we snel naar de lift om weer veilig op onze eigen afdeling te komen. En zoals uiteraard wel verwacht is de lift ook iets wat lijkt alsof ik het al jaren doe. Lift in, lift uit, en Boem was weer helemaal Boem. Dus ja… katten: nee. Liften en trappen: ja!
Alleen oudere kinderen. Oké, dit vind ik dus echt spannend. Kleine kinderen… ik weet niet wat er ooit is gebeurd, maar zodra ik ze zie, verandert mijn lijf in een soort trillend standbeeld. Mijn rugharen gaan overeind, ik durf niet meer te bewegen en het liefst zou ik mezelf onder een steen rollen tot het veilig is. De mensen hier zeggen dat dit betekent dat ik heel onzeker ben. Ik noem het liever: ik vind kleine mensjes gewoon eng. Ze zijn snel, ze maken onverwachte geluiden en ik snap ze niet zo goed. Daarom zoek ik een huisje zonder kleine kinderen. Gewoon een rustige plek waar ik niet hoef te bibberen. Kinderen vanaf een jaar of 16? Helemaal prima! Die zijn groot genoeg om te begrijpen dat een stuiterbal soms ook even ruimte nodig heeft.
Nog leren. Ik kan dat prima leren, hoor! Maar ik ben natuurlijk wel een enthousiaste stuiterbal met een groot hart, dus ik moet eerst even wennen aan mijn nieuwe huis en mijn nieuwe mensen. Als we dat rustig opbouwen, beetje oefenen, klein begin, stapje voor stapje wat langer. En dan komt dat helemaal goed. Ik snap best dat je soms even weg moet om boodschappen te doen of iets heel ingewikkelds zoals… werken. Dus ja: alleen thuis zijn is geen probleem, als we het maar rustig opbouwen. Eerst vertrouwen, dan de rest. Ow en dat we natuurlijk eerst even lekker helemaal moe zijn. Dan doe ik gewoon een dutje als jij weg bent.
Rustige wijk. Wat voor huisje ik zoek? Nou… ik ben eigenlijk helemaal niet kieskeurig. Een flat, een huis, een boerderij of een appartement! Als mijn nieuwe baasjes maar tijd, aandacht en liefde voor mij hebben, dan ben ik al snel tevreden. Maar eerlijk? De grote stad is misschien net een tikkeltje te druk voor mij. Ik kan het wel aan hoor, maak je geen zorgen. Ik ben tenslotte Boem! Maar ik word er zelf ook drukker van en geloof me… niemand zit te wachten op een nóg stuiterigere stuiterbal. Een hutje op de hei hoeft dan weer ook niet hoor. Doe maar lekker gewoon: een rustige wijk, een beetje groen, een fijn plekje om te wandelen en ik ben helemaal in mijn element. Kortom: ik zoek geen paleis, geen kasteel, geen woonboerderij van drie hectare… gewoon een warm thuis waar ik een beetje tot rust kan komen (al vind ik zelf natuurlijk nog steeds dat rust zwaar wordt overschat).
Ja, selectief. Wat andere honden betreft ben ik een beetje… tja… wisselend. Soms denk ik: “Hé leuk! Een speelkameraadje!” en soms denk ik: “O nee, laat maar!!” Hier bij DOA hebben ze geprobeerd een match voor me te vinden, maar helaas… geen enkel hondenvriendinnetje kon echt met mijn energie mee. (Blijkbaar ben ik nogal enthousiast, zeggen ze. Ik vind dat zelf meevallen, maar oké.) Buiten aan de lijn leer ik nu dat ik niet altijd naar een andere hond toe hoef. Dat mijn baasje ook superleuk is. Vooral als die lekkere snoepjes heeft. Want ja hoor, dan is mijn mens ineens véél interessanter dan welke hond dan ook. Ik zou het heel fijn vinden als mijn nieuwe baasjes het niet erg vinden dat ik niet super sociaal ben. Misschien kom ik ooit een keer per toeval een vriendinnetje tegen waar het wél mee klikt, maar dat hoeft echt niet meteen. Voor nu vind ik het allerleukst om lekker samen met mijn baasjes aan de slag te gaan. Trainen, wandelen, spelen…. dat is mijn ding.
Loopt netjes mee. Aan de lijn ben ik eigenlijk best netjes! Natuurlijk, als ik iets heel interessants zie, kan ik wel even trekken. Hallo, spannende dingen! Maar verder kan ik best rustig meelopen. Als de wandeling een beetje traag gaat, kan ik af en toe wél weer een klein sprintje maken om mijn energie kwijt te raken. Maar zodra mijn tempo erin zit, loop ik keurig netjes aan de lijn. Echt waar, ik kan het!
Nee, Loslopen vind ik echt fantastisch! Rennen, snuffelen, ontdekken… dat is helemaal mijn ding. Maar eerlijk is eerlijk! Daar moet eerst nog even voor getraind worden. Een beetje oefenen, beetje aandacht bij mijn baasjes houden en dan komt dat helemaal goed. Ook ligt het een beetje aan de omgeving. Als er heel veel andere honden zijn, is loslopen misschien niet zo handig. Ik word dan soms een beetje té enthousiast of onzeker. Geen zorgen! Ik vind het helemaal prima om gewoon aan een lange lijn mijn ding te doen. Snuffelen, ontdekken, genieten van een wandeling zonder dat ik alles op stel en sprong hoef te checken.